ECLI:NL:RBDHA:2019:6882
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en medische situatie
Eiser, een Oekraïense asielzoeker, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen op grond van de Dublinverordening, waarbij Oostenrijk als verantwoordelijke lidstaat is aangewezen.
Eiser stelde dat hij medische complicaties heeft die een overdracht naar Oostenrijk onaanvaardbaar maken zonder medisch advies van het Bureau Medische Advisering (BMA). De rechtbank oordeelde dat de overgelegde medische brief geen aanwijzingen bevatte voor een onomkeerbare achteruitgang van zijn gezondheid bij overdracht.
Ook de stelling dat Oostenrijk geen medische opvang zou bieden, werd verworpen omdat Oostenrijk zich houdt aan de Opvangrichtlijn en expliciet heeft bevestigd eiser terug te nemen als asielzoeker.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees het af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.