ECLI:NL:RBDHA:2019:5270
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing MVV-aanvraag voor minderjarige halfbroers wegens ontbreken meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie
Eisers, minderjarige halfbroers en staatloze Palestijnen uit Syrië, vroegen om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om naar Nederland te komen bij hun halfbroer die hier verblijft met een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees de aanvragen af omdat niet was gebleken dat tussen eisers en referent sprake was van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie zoals bedoeld in het EVRM.
De rechtbank overwoog dat het criterium van meer dan gebruikelijke afhankelijkheid een feitelijke beoordeling vereist van hechte persoonlijke banden, waarbij niet alleen financiële of medische afhankelijkheid van belang is, maar ook andere factoren zoals de gezondheid en de situatie in het land van herkomst. Eisers voerden aan dat het verlies van hun vader en het feit dat zij alleen bij elkaar troost kunnen zoeken een dergelijke relatie vormde.
De rechtbank verwierp dit omdat eisers primair afhankelijk zijn van hun biologische moeder die in Syrië verblijft, en het enkele feit dat de vader vermist is niet voldoende is voor een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie. Ook het feit dat zij als jonge kinderen samenwoonden was onvoldoende. Eisers konden hun beroep niet juridisch onderbouwen en het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf is ongegrond verklaard.