Eiser, een Liberiaanse asielzoeker, diende een opvolgende asielaanvraag in met nieuwe elementen: een gewijzigd beleid volgens werkinstructie 2018/9 en zijn relatie met een partner. Verweerder stelde de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 30c Vreemdelingenwet 2000 wegens het niet verstrekken van essentiële informatie.
De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte het toetsingskader heeft toegepast door niet te beoordelen of de nieuwe elementen ontvankelijkheid van de aanvraag konden rechtvaardigen. Eiser had voldoende concrete informatie verstrekt om als volledige aanvraag te worden beschouwd, waaronder een brief van zijn voormalige partner.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht en de Vreemdelingenwet, en beveelt verweerder de aanvraag opnieuw te behandelen. Tevens worden de proceskosten aan verweerder opgelegd.