ECLI:NL:RBDHA:2019:3156
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende motivering dienstplichtvrees Eritrea
Eiser, een Eritrese jongvolwassene, vroeg asiel aan met het argument dat hij vreesde voor dienstplicht bij terugkeer naar Eritrea. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van identiteit, herkomst en vrees voor dienstplicht.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de herkomst van eiser, met name het vermoeden dat hij uit de diaspora afkomstig zou zijn, en onvoldoende gemotiveerd heeft waarom er geen reële vrees voor dienstplicht zou bestaan. Ook is de uitleg van het arrest van het EHRM inzake M.O. tegen Zwitserland onjuist toegepast.
De rechtbank vernietigt het besluit en draagt de staatssecretaris op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten van €1.024,- aan de rechtsbijstandverlener.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering en onderzoek.