ECLI:NL:RBDHA:2019:1806
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Eritrese vrouw wegens ongeloofwaardige desertie en illegale uitreis
Eiseres, een vrouw van Eritrese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens desertie uit de militaire dienst en illegale uitreis naar Soedan. Zij stelde dat zij vanwege de oneindige dienstplicht het land illegaal had verlaten en in Soedan had verbleven en gewerkt.
Verweerder achtte de identiteit van eiseres geloofwaardig, maar verwierp haar stellingen over desertie en illegale uitreis. Dit omdat eiseres in het bezit was van een echt bevonden Eritrees paspoort, waarvan het verkrijgen volgens het ambtsbericht niet mogelijk is voor dienstplichtigen zonder betaling van belastingen en het ondertekenen van een spijtbetuiging. De rechtbank volgde deze beoordeling en oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij het paspoort frauduleus had verkregen.
Eiseres voerde aan dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met haar verklaringen over haar verblijf in Soedan en haar vertrek uit Eritrea. Zij vroeg om aanhouding van de zaak voor een contra-expertise van haar paspoort. De rechtbank wees dit verzoek af vanwege gebrek aan concrete onderbouwing.
De rechtbank concludeerde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij Eritrea illegaal had verlaten en dat de verklaringen over haar uitreis vaag en onlogisch waren. Ook het beroep op een eerdere uitspraak waarin een vergelijkbare situatie anders werd beoordeeld, faalde omdat in die zaak de identiteit niet was vastgesteld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en haar asielaanvraag afgewezen.