ECLI:NL:RBDHA:2019:13690
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Italië
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Eiser had eerder in Italië een eerste asielverzoek gedaan en een verblijfsvergunning verkregen, maar kon dit niet met bewijs onderbouwen.
De rechtbank oordeelt dat Italië niet binnen de gestelde termijn heeft gereageerd op het verzoek tot terugname, waardoor Italië verantwoordelijk blijft. Eiser kon zijn partnerrelatie in Nederland niet aantonen, en er was geen reden om de behandeling van het beroep aan te houden.
Volgens vaste jurisprudentie wordt aangenomen dat Italië zijn verplichtingen nakomt en eiser overeenkomstig de Opvangrichtlijn zal worden opgevangen. Er is geen bewijs dat eiser een kwetsbare asielzoeker is of dat overdracht aan Italië leidt tot schending van artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro.
De medische klachten van eiser waren niet onderbouwd en zijn angst voor derden kan worden beschermd door Italiaanse autoriteiten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling.