Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- het verzoekschrift van 26 juli 2019 met producties 1 tot en met 6;
- het verweerschrift van 15 november 2019 met producties 1 en 2.
Rechtbank Den Haag
Op 18 mei 2015 raakte eiser betrokken bij een verkeersongeval waarbij hij achterop werd gereden. Euro Insurances, de WAM-verzekeraar van de tegenpartij, erkende aansprakelijkheid en betaalde reeds voorschotten aan eiser. Eiser klaagt sindsdien over diverse lichamelijke klachten en vordert een maandelijkse voorschotbetaling van €15.000 netto per maand totdat de schade is geregeld.
De rechtbank constateert een impasse in de buitengerechtelijke onderhandelingen en erkent het belang van eiser bij een voorschot. Echter, eiser heeft zijn schade onvoldoende onderbouwd met objectieve stukken, terwijl Euro Insurances een financiële analyse heeft overgelegd waaruit blijkt dat de schade aanzienlijk lager is. Tevens is het causaal verband tussen het ongeval en de klachten nog niet vastgesteld, hetgeen een expertise vereist.
Gelet op deze onzekerheden wijst de rechtbank het verzoek tot betaling van een aanvullend voorschot af. Wel veroordeelt zij Euro Insurances tot betaling van de proceskosten van €3.078,24, aangezien de procedure noodzakelijk was om betaling van eerder toegezegde buitengerechtelijke kosten af te dwingen.
Uitkomst: Verzoek tot maandelijkse voorschotbetaling afgewezen; Euro Insurances veroordeeld tot betaling van proceskosten.