Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.Het zelfstandig (tegen)verzoek en het verweer
I. indien gelijktijdig wordt geoordeeld dat de opzegging per 31 mei 2019 geen stand houdt en wordt vernietigd, de arbeidsovereenkomst onvoorwaardelijk te ontbinden: primair op grond van artikel 7:671b, lid 1 BW juncto artikel 7:669, leden 1 en 3 onder e BW, subsidiair op grond van artikel 7:671b, lid 1 BW juncto artikel 7:669, leden 1 en 3 onder g BW;
5.De beoordeling
uit politieonderzoek is gebleken dat het strafbare feit van diefstal, waarvan u wordt verdacht te herleiden is tot uw werkzaamheden bij WZH”en
“een match [die] is vastgesteld tussen de vermoedelijk door u gestolen goederen van onze cliënten”.