Uitspraak
Voorlopige voorzieningen
Beschikking op het op 12 maart 2019 ingekomen verzoek van:
[Y] ,
[X] ,
Procedure
- maandag 15 april 2019 of zaterdag 20 april 2019 in het winkelcentrum [naam winkelcentrum] in Polen voor de duur van zes uur;
- zaterdag 18 mei 2019 in het winkelcentrum [naam winkelcentrum] in Polen voor de duur van zes uur;
- zaterdag 15 juni 2019 in het winkelcentrum [naam winkelcentrum] in Polen voor de duur van zes uur.
- het verzoekschrift van 7 maart 2019, met bijlagen, van de zijde van de man;
- het faxbericht 21 maart 2019, met bijlage, van de zijde van de man;
- het faxbericht 26 maart 2019, met bijlage, van de zijde van de man;
- het verweerschrift met zelfstandige verzoeken van 28 maart 2019, met bijlagen, van de zijde van de vrouw;
- het F9-formulier van 29 september 2019, met bijlage, van de zijde van de man.
Feiten
- De man en de vrouw zijn gehuwd op [huwelijksdatum] 2015.
- Zij zijn de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind:
- Blijkens de uittreksels uit het systeem ingevolge de Wet basisregistratie personen heeft de man de Egyptische nationaliteit en de vrouw de Nederlandse nationaliteit.
Verzoek en verweer
- [minderjarige] aan de man te vertrouwen;
- een regeling inzake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken (hierna: voorlopige zorgregeling) ten aanzien de man en [minderjarige] wordt vastgesteld, in die zin dat:
- primair:[minderjarige] twee weekenden per maand bij de man verblijft, waarbij de vrouw [minderjarige] ophaalt en terugbrengt;
- subsidiair:[minderjarige] maandelijks gedurende het weekend op zaterdag en zondag vier uur contact heeft met de man,
- dat [minderjarige] aan de vrouw wordt toevertrouwd;
- dat een voorlopige zorgregeling ten aanzien van [minderjarige] wordt vastgesteld, waarbij de man en [minderjarige] omgang met elkaar hebben: