Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , geboren op [geboortedag] 1991, van Marokkaanse nationaliteit, eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“Derhalve dient op de eerste prejudiciële vraag, sub b, te worden geantwoord dat het tijdvak waarin een persoon in een inrichting voor tijdelijke plaatsing is geplaatst op grond van een beslissing die op basis van de nationale en communautaire bepalingen over asielzoekers is genomen, niet mag worden beschouwd als bewaring met het oog op verwijdering in de zin van artikel 15 van Pro richtlijn 2008/115.”
nazes maanden inbewaringstelling. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen grond voor het oordeel dat verweerder niet conform zijn eigen beleid heeft gehandeld. Deze beroepsgrond slaagt niet.
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
mr. M.H.S. Abbing, griffier.