Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 29 januari 2018 in de zaak tussen
Hexion B.V., te Rotterdam, eiseres
het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.2017, 53562).
- NFPA 20, voor pompinstallaties ten behoeve van het bluswaternet,
- NFPA 22, voor het gebruik van watertank (mits van toepassing) als voeding voor het bluswaternet,
- NFPA 24, voor het bluswaternet zelf en toebehoren daarvan.”
.
- de oppervlakte van de grootste tankput voor putten met vast-dak-tanks;
- de oppervlakte van de grootste tank bij tanks met externe drijvende daken;
- de oppervlakte van een compartiment van een leidingtracé of pompput.
langdurigeinzet betreft, terwijl in andere gevallen een hogere stralingsbelasting mogelijk is. Bij het bedienen van aansluit- en bedieningspunten gaat het niet om langdurige inzet en kan een hogere stralingsbelasting van 6 kW/m2 worden toegestaan.
- 10% van het volume van de overige tanks (inclusief tanks kleiner dan 150 m3 en tanks met niet verwarmde klasse 4 en/of niet brandbare vloeistoffen) in die tankput;
- het volume bluswater dat volgens de in de vergunning vereiste capaciteit in één uur in de tankput kan worden gebracht.
Buncefield: Why did it happen?; the underlying causes of the explosion and fire at the Buncefield oil storage depot, Hemel Hempstead, Hertfordshire on 11 December 2005. Bovendien bestaat over dit vergunningvoorschrift nog geen overeenstemming, zoals blijkt uit de “Impactanalyse PGS 29 nonconsensus”.
1 januari 2018 is waarschijnlijk niet haalbaar. Van het uitgangspunt dat de BBT-maatregelen en -voorzieningen per direct worden toegepast, kan blijkens de jurisprudentie worden afgeweken in die zin dat in de vergunning een implementatietermijn kan worden opgenomen. Voorwaarden daarbij zijn dat de vergunninghouder aannemelijk maakt dat een langere termijn nodig is en dat in de tussentijd maatregelen worden getroffen die een zekere mate van BBT representeren. Volgens de StAB zijn de bij eiseres bestaande maatregelen voor een beperkte tussenperiode te beschouwen als BBT vanwege de naar verwachting geringe kans op een overvulincident. Zij acht het daarom niet bezwaarlijk om de termijnen van 1 januari 2018 en 1 januari 2019 te verlengen tot 1 juli 2019. Eiseres heeft naar de mening van de deskundige niet aangetoond dat een dergelijke termijn niet haalbaar zou zijn. De StAB plaatst de kanttekening dat zij op basis van het rapport van GexCon tot de conclusie is gekomen dat het aantal tanks waarvoor een onafhankelijke overvulbeveiliging nodig is, relatief beperkt is. Op basis van de door eiseres verstrekte gegevens concludeert de StAB dat eiseres ook tanks die strikt genomen niet onder het vergunningvoorschrift vallen van een onafhankelijke overvulbeveiliging wenst te voorzien. De StAB heeft dat betrokken bij het beoordelen van de benodigde implementatietermijn. Tot slot wijst de StAB erop dat een ruimere interpretatietermijn weliswaar tot lagere implementatiekosten zal leiden, maar dat dit in het kader van BBT niet doorslaggevend is.
.
,omdat het een veiligheidsvoorschrift is en niet strekt tot bescherming van het milieu. Volgens eiseres bevat de Wet veiligheidsregio’s specifieke en uitputtende regelgeving.
veilige) locatie kan worden beschouwd als gelijkwaardig met een afsluiter die ter plaatse met handkracht bediend wordt.”
Beslissing
- NFPA 20, voor pompinstallaties ten behoeve van het bluswaternet,
- NFPA 24, voor het bluswaternet zelf en toebehoren daarvan.”
- Installaties/objecten/dragende constructies die kunnen worden aangestraald met een hogere warmtebelasting dan 10 kW/m2 en waarbij ten gevolge van de hittestraling een uitbreiding van de ontstane brand kan ontstaan, moeten worden beschermd tegen de te grote warmtebelasting.
- Indien koelen met mobiele middelen gewenst is, moet de effectiviteit en de inzetmogelijkheden daarvan worden aangetoond.
- voor personeel van de (bedrijfs-)brandweer met beschermende brandweerkleding die voldoet aan NEN-EN 469, wordt onder een kortdurende blootstelling minder dan drie minuten verstaan. De warmtestralingsbelasting mag in die situatie niet groter zijn dan 4,6 kW/m2.
- voor personeel van de (bedrijfs-)brandweer met speciaal gealuminiseerde brandweerkleding die voldoet aan NEN-EN 1486, wordt onder een kortdurende blootstelling minder dan vijf minuten verstaan. De warmtestralingsbelasting mag niet groter zijn dan 6,3 kW/m2.”
- 10% van het volume van de overige tanks (inclusief tanks kleiner dan 150 m3 en tanks met niet verwarmde klasse 4 en/of niet brandbare vloeistoffen) in die tankput;
- het volume bluswater dat volgens de in de vergunning vereiste capaciteit in één uur in de tankput kan worden gebracht.
- voor personeel van de (bedrijfs-)brandweer met beschermende brandweerkleding die voldoet aan NEN-EN 469, wordt onder een kortdurende blootstelling minder dan drie minuten verstaan. De warmtestralingsbelasting mag in die situatie niet groter zijn dan 4,6 kW/m².
- voor personeel van de (bedrijfs-)brandweer met speciaal gealuminiseerde brandweerkleding die voldoet aan NEN-EN 1486, wordt onder een kortdurende blootstelling minder dan vijf minuten verstaan. De warmtestralingsbelasting mag niet groter zijn dan 6,3 kW/m².”