ECLI:NL:RBDHA:2018:8243
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen overdracht asielzoekster aan Frankrijk op grond van Dublinverordening
Eiseres, een Iraanse asielzoekster, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen en haar over te dragen aan Frankrijk, de lidstaat verantwoordelijk op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank overweegt dat eiseres onvoldoende heeft aangetoond dat zij afhankelijk is van haar nicht in Nederland in de zin van artikel 16 Dublinverordening Pro, noch dat er bijzondere individuele omstandigheden zijn die toepassing van artikel 17 rechtvaardigen Pro. De gestelde psychische klachten en mogelijke taalbarrière in Frankrijk leiden niet tot een ernstige verslechtering van haar gezondheidstoestand.
De rechtbank concludeert dat de staatssecretaris zijn discretionaire bevoegdheid voldoende heeft gemotiveerd en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de overdracht aan Frankrijk wordt ongegrond verklaard.