ECLI:NL:RBDHA:2018:8213
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens niet aannemelijk gemaakte identiteit en herkomst uit Algerije
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend met als grond dat hij in Algerije veroordeeld zou zijn tot een gevangenisstraf wegens drugsdelicten. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen omdat eiser zijn identiteit en herkomst niet aannemelijk heeft gemaakt. Eiser kon zijn identiteitsdocumenten niet overleggen en verklaarde deze te zijn kwijtgeraakt.
De rechtbank oordeelt dat eiser nalatig is geweest in het verkrijgen van zijn documenten en dat hij voldoende tijd heeft gehad om deze te overleggen. Het overgelegde vonnis uit Algerije is niet overtuigend omdat het tegenstrijdigheden bevat en niet met zekerheid kan worden vastgesteld dat het op eiser betrekking heeft.
Ook is onvoldoende onderbouwd dat er medische redenen zijn om het Bureau Medische Advisering in te schakelen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege het niet aannemelijk maken van identiteit en herkomst.