ECLI:NL:RBDHA:2018:4859

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 april 2018
Publicatiedatum
24 april 2018
Zaaknummer
NL18.6088
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening+bodemzaak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in Dublin-overdracht

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 27 maart 2018, waarin een overdracht op grond van de Dublinverordening werd bevolen. Gelijktijdig werd verzocht om een voorlopige voorziening om de overdracht te voorkomen totdat op het beroep zou zijn beslist.

De zaak is op 12 april 2018 behandeld te Middelburg, waarbij partijen werden vertegenwoordigd door hun gemachtigden. Tijdens de zitting is het onderzoek gesloten. De voorzieningenrechter overweegt dat het verzoek om voorlopige voorziening moet worden afgewezen, aangezien op hetzelfde moment met uitspraak nummer NL18.6087 reeds op het beroep is beslist.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is op 13 april 2018 in het openbaar gedaan door voorzieningenrechter P.M. van Dijk-de Keuning, in aanwezigheid van griffier J. Loonstra. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de overdracht wordt afgewezen omdat op het beroep reeds is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummer: NL18.6088
uitspraak van de voorzieningenrechter voor vreemdelingenzaken van 13 april 2018 in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

gemachtigde: mr. N. Vollebergh,
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,

gemachtigde: mr. P.M.W. Jans.

Procesverloop

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 27 maart 2018 (bestreden besluit) en gevraagd om het treffen van een voorlopige voorziening teneinde overdracht te voorkomen alvorens op het beroep is beslist.
De behandeling van het beroep en verzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 12 april 2018. Partijen zijn vertegenwoordigd door hun gemachtigden. Ter zitting is het onderzoek gesloten.

Overwegingen

Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen, omdat heden (bij uitspraak met nummer NL18.6087) op het beroep is beslist. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.M. van Dijk-de Keuning, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. J. Loonstra, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 april 2018.
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.