ECLI:NL:RBDHA:2018:3961
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toegang tot Nederland geweigerd wegens vervalst visum in paspoort
Eiseres, met de Congolese nationaliteit, werd op 2 november 2016 de toegang tot Nederland geweigerd omdat zij arriveerde met een paspoort waarin een vals Indiaas visum was aangetroffen. Eiseres stelde dat het paspoort geldig bleef omdat zij in december 2016 met datzelfde paspoort door de Koninklijke Marechaussee naar Congo was teruggestuurd. Tevens voerde zij aan dat het administratief beroep ten onrechte kennelijk ongegrond was verklaard en dat het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd. Ook stelde zij dat zij niet is gehoord, wat een schending van de hoorplicht zou betekenen.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit voldoende was gemotiveerd en dat de weigering van toegang gegrond was vanwege het vervalste visum, wat een gevaar voor de openbare orde en veiligheid vormt. De stelling van eiseres dat het paspoort geldig bleef omdat het bij terugreis werd gebruikt, werd verworpen omdat het paspoort niet aan haar was teruggegeven, maar aan een purser. Daarnaast werd geoordeeld dat het horen van eiseres kon worden achterwege gelaten omdat het administratief beroep kennelijk ongegrond was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de weigering van toegang tot Nederland wegens een vervalst visum wordt ongegrond verklaard.