Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Beschikking van de kinderrechter
Afwijzing verzoek tot ondertoezichtstelling
[de man] ,
[de vrouw] ,
Het procesverloop
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat, mr. I. Aardoom-Fuchs;
- de vader.
Rechtbank Den Haag
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om ondertoezichtstelling van een minderjarige vanwege zorgen over haar sociaal-emotionele ontwikkeling in een instabiele thuissituatie met een alcoholverslaafde vader. De minderjarige werd blootgesteld aan spanningen en onveiligheid, waarbij de moeder en zij regelmatig het ouderlijk huis moesten verlaten.
Tijdens de zitting werd duidelijk dat de ouders uit elkaar zijn gegaan, de vader de woning heeft verlaten en de moeder een verzoek tot scheiding van tafel en bed heeft ingediend. De minderjarige vertoont geen negatieve kindsignalen, doet het goed op school en heeft een sociaal netwerk.
De moeder betoogde dat zij in staat is haar kind te beschermen en dat een ondertoezichtstelling contraproductief zou zijn. De kinderrechter oordeelde dat de situatie is verbeterd en dat de wettelijke gronden voor ondertoezichtstelling niet voldoende aanwezig zijn.
Daarom werd het verzoek afgewezen. De beschikking is op 19 maart 2018 uitgesproken door kinderrechter M. van Loenhoud. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden via het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Verzoek tot ondertoezichtstelling is afgewezen wegens onvoldoende ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige.