ECLI:NL:RBDHA:2018:2076
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel transgender dissident Cuba
Eiser, een transgender persoon met de Cubaanse nationaliteit, diende een opvolgende aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. De staatssecretaris wees deze aanvraag af en legde een inreisverbod van twee jaar op. Eerder was een eerste asielaanvraag van eiser afgewezen en deze beslissing was onherroepelijk geworden.
Eiser stelde dat hij als dissident tegen de Cubaanse regering werd vervolgd vanwege zijn politieke activiteiten en dat hij onvoldoende bescherming kon verwachten in Cuba. De staatssecretaris oordeelde echter dat de nieuwe elementen die eiser aanvoerde niet als zodanig konden worden aangemerkt en dat zijn eerdere verklaringen over zijn seksuele geaardheid en genderidentiteit reeds waren beoordeeld. Tevens achtte de staatssecretaris de beweringen over zijn dissident-zijn ongeloofwaardig.
De rechtbank bevestigde dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigden. Ook vond de rechtbank dat de staatssecretaris terecht had geoordeeld dat eiser geen evident risico liep op onmenselijke behandeling bij terugkeer naar Cuba. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het opgelegde inreisverbod bleef van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag en het opgelegde inreisverbod wordt ongegrond verklaard.