ECLI:NL:RBDHA:2018:2017
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging van afwijzing asielverzoeken wegens onvoldoende motivering over terugkeer naar Afghanistan
Eiseressen, twee zussen met de Afghaanse nationaliteit, vroegen asiel aan in Nederland. Hun verzoeken werden afgewezen door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank oordeelde dat de nationaliteit en identiteit van eiseressen geloofwaardig waren, maar vond het asielrelaas van eiseres 1, waaronder verkrachting en bedreiging in Iran, ongeloofwaardig. De ondervonden discriminatie in Iran werd wel erkend, maar niet als ernstig genoeg om asiel te rechtvaardigen.
Eiseressen betoogden dat zij niet terug konden naar Afghanistan vanwege de verslechterde situatie en het ontbreken van banden met dat land. De rechtbank vond dat de staatssecretaris dit onderdeel onvoldoende had gemotiveerd en vernietigde de bestreden besluiten wegens schending van artikel 3:46 Awb Pro. Tegelijkertijd stelde de rechtbank vast dat het asielrelaas onvoldoende was om bescherming te bieden, waardoor de rechtsgevolgen van de besluiten in stand bleven.
Eiseres 1 had inmiddels een nieuwe asielaanvraag ingediend met een nieuw motief, namelijk haar bekering tot het christendom. De rechtbank wees verzoeken tot aanhouding van de procedure af, omdat het nieuwe motief in een aparte procedure zal worden beoordeeld. Tot slot veroordeelde de rechtbank de verweerder tot vergoeding van proceskosten aan eiseressen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvragen wegens onvoldoende motivering over terugkeer, maar laat de rechtsgevolgen van de besluiten in stand.