ECLI:NL:RBDHA:2018:2007
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige verklaring over mishandeling en afvalligheid
Eiseres, van Afghaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel op grond van mishandeling door haar echtgenoot en een dreigende steniging wegens afvalligheid. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van haar relaas. De rechtbank stelde vast dat er tegenstrijdigheden waren tussen de verklaringen van eiseres en die van haar ouders, onder meer over het tijdstip van haar uithuwelijking en de vlucht van haar ouders.
Eiseres voerde aan onvoldoende gelegenheid te hebben gehad om haar verklaringen toe te lichten, maar de rechtbank oordeelde dat zij wel degelijk de kans had gekregen om te reageren. Ook werden haar verklaringen over de omstandigheden van haar uithuwelijking, mishandeling en detentie in Iran als ongeloofwaardig beoordeeld, mede vanwege het ontbreken van concrete details en tegenstrijdigheden.
De rechtbank concludeerde dat eiseres geen aannemelijke redenen had gegeven voor haar afvalligheid en dat haar huwelijk niet beëindigd was, waardoor zij niet als alleenstaande vrouw naar Afghanistan zou terugkeren. De aanvraag werd daarom terecht als ongegrond afgewezen en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardige en tegenstrijdige verklaringen.