ECLI:NL:RBDHA:2018:1539
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf wegens onvoldoende identiteit en bewijsnood
Eiseres, met Eritrese nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot afwijzing van haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De aanvraag werd afgewezen omdat eiseres haar identiteit en de feitelijke gezinsband met haar echtgenoot, die een verblijfsvergunning asiel heeft, niet aannemelijk kon maken.
De rechtbank overweegt dat eiseres geen officiële documenten heeft overgelegd ter onderbouwing van haar identiteit. Het Algemeen Ambtsbericht over Eritrea geeft aan dat identiteitskaarten verplicht zijn vanaf 18 jaar en noodzakelijk voor toegang tot overheidsdiensten. Eiseres, die al in 2011 18 jaar was, heeft onvoldoende plausibele verklaring gegeven waarom zij nooit een identiteitskaart heeft gehad. Ook andere pogingen om haar identiteit aannemelijk te maken ontbraken.
De rechtbank concludeert dat er geen sprake is van bewijsnood, waardoor de staatssecretaris terecht heeft afgezien van een identificerend gehoor. De aanvraag voldoet niet aan de voorwaarden voor verlening van een mvv in het kader van nareis. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.