ECLI:NL:RBDHA:2018:14372
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar naheffingsaanslag omzetbelasting wegens termijnoverschrijding
Eiser maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over het derde kwartaal van 2015, inclusief belastingrente. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Eiser stelde dat hij pas na ontvangst van een dwangbevel van de aanslag op de hoogte was en binnen zes weken daarna bezwaar maakte.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aannemelijk heeft gemaakt dat de naheffingsaanslag op het juiste adres is verzonden, zoals door eiser eerder aan verweerder was doorgegeven. Het enkele feit dat eiser de aanslag niet heeft ontvangen, is onvoldoende om het vermoeden van ontvangst te weerleggen. Het bezwaar was daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Verzoeken van eiser tot uitstel en aanhouding van de behandeling werden afgewezen wegens strijd met de goede procesorde. De rechtbank wees ook een wrakingsverzoek af. Het beroep werd ongegrond verklaard en niet inhoudelijk behandeld. Er werd geen proceskostenveroordeling of schadevergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag omzetbelasting wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens termijnoverschrijding.