ECLI:NL:RBDHA:2018:13741
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen MVV aanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn MVV-aanvraag. Tijdens de procedure heeft verzoeker het beroep ingetrokken en tegelijkertijd verzocht om vergoeding van de proceskosten. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft vervolgens alsnog een beslissing genomen en verklaarde bereid te zijn de proceskosten te vergoeden.
De rechtbank oordeelt dat aan de voorwaarden voor proceskostenvergoeding is voldaan, omdat verweerder tegemoet is gekomen door alsnog te beslissen tijdens het beroep. Dit is in lijn met vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Verzoeker heeft het verzoek om vergoeding gelijktijdig met de intrekking van het beroep gedaan.
Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht stelt de rechtbank de proceskosten vast op €125,25, gebaseerd op een punt voor het indienen van het beroepschrift met een wegingsfactor van 0,25. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van proceskosten van €125,25 na intrekking van het beroep wegens niet tijdig beslissen.