ECLI:NL:RBDHA:2018:13367
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening ongegrond verklaard
Eiser, een Kazachse nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 6 mei 2018 een asielaanvraag in die door verweerder niet in behandeling werd genomen omdat Tsjechië verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening. Eiser had eerder vijf asielverzoeken in Tsjechië gedaan zonder succes, en Tsjechië had de verantwoordelijkheid voor zijn terugname aanvaard.
Eiser vreesde dat hij zonder inhoudelijke behandeling door Tsjechië zou worden teruggestuurd naar zijn land van herkomst waar zijn leven in gevaar zou zijn. De rechtbank oordeelde dat Tsjechië gebonden is aan Europese asielrichtlijnen en dat de asielaanvraag daar met inachtneming van deze richtlijnen zal worden behandeld. Eiser maakte onvoldoende aannemelijk dat hij risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro, ook niet op grond van zijn medische situatie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd mondeling gedaan op 1 november 2018 te Middelburg door rechter Sinack.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.