ECLI:NL:RBDHA:2018:12158
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-inhoudelijke behandeling asielaanvraag wegens Dublinverordening Italië
Eiser, een Libische nationaliteit dragende persoon, diende op 9 maart 2018 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling op grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling, omdat eiser illegaal via Italië de EU was binnengekomen. Eiser stelde dat Italië niet voldoet aan de vereisten van Europese richtlijnen en dat hij onder erbarmelijke omstandigheden verbleef, maar kon dit niet onderbouwen.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel onverkort geldt ten aanzien van Italië en dat het ontbreken van reactie van Italië op het claimverzoek geen reden is om te twijfelen aan de naleving van verdragsverplichtingen. Eiser maakte ook niet aannemelijk dat hij na overdracht aan Italië geen medische zorg of bescherming tegen discriminatie zou krijgen.
De rechtbank concludeerde dat de omstandigheid dat eiser zich in Nederland veiliger voelt geen bijzondere reden vormt om de aanvraag inhoudelijk te behandelen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.