ECLI:NL:RBDHA:2018:11628
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Pakistaanse sympathisant politieke partij wegens ongeloofwaardigheid
Eiser, een Pakistaanse nationaliteit dragende man, vroeg asiel aan vanwege politieke activiteiten voor de partij PML(N) en de daaruit voortvloeiende bedreigingen en aanslagen. Hij stelde dat hij vanwege deze omstandigheden zijn land moest verlaten. De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, mede vanwege ongeloofwaardigheid van het asielrelaas.
De rechtbank oordeelde dat eiser weliswaar zijn identiteit en nationaliteit aannemelijk had gemaakt, maar zijn verklaringen over zijn politieke sympathie en activiteiten, evenals de bedreigingen en aanslagen, niet geloofwaardig waren. De rechtbank vond dat eiser onvoldoende inzicht gaf in zijn politieke betrokkenheid en dat zijn verhaal over de bedreigingen en aanslagen niet aannemelijk was onderbouwd.
Ook het bezwaar dat eiser niet met een registertolk was gehoord, werd verworpen omdat de communicatie met de gebruikte tolk adequaat was gebleken. De rechtbank concludeerde dat eiser niet voldeed aan de criteria voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning op grond van het vreemdelingenrecht en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.