ECLI:NL:RBDHA:2018:10795
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek blinde vrouw wegens ongeloofwaardig asielrelaas
Eiseres, een blinde vrouw van Zimbabwaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel na mishandeling en seksueel misbruik door haar tante en een soldaat. Zij vluchtte via Zuid-Afrika naar Nederland. Verweerder wees haar aanvraag af als kennelijk ongegrond vanwege tegenstrijdige en summiere verklaringen en het ontbreken van ondersteunende documenten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het asielrelaas terecht ongeloofwaardig heeft bevonden, mede omdat eiseres onvoldoende bewijs leverde en haar verklaringen op essentiële punten vaag en inconsistent waren. Ook werd het onwaarschijnlijk geacht dat zij nooit een identiteitsbewijs bezat, ondanks haar sociale netwerk en scholing.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij als vrouw met een visuele handicap in Zimbabwe een reëel risico loopt op vervolging of een met het EVRM strijdige behandeling. Ook de aanvraag op grond van artikel 8 EVRM Pro en het verzoek om uitstel van vertrek wegens medische redenen werden afgewezen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard vanwege een ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende onderbouwing van risico's.