ECLI:NL:RBDHA:2018:10609
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Eiseres was werkzaam als medewerker boekbinderij en meldde zich ziek vanwege rechterhand- en polsklachten. Na een initiële toekenning van een WIA-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid, vond in 2017 een herbeoordeling plaats. De verzekeringsarts stelde vast dat eiseres duurzaam benutbare beperkingen had, maar dat haar arbeidsongeschiktheid slechts 20,52 procent bedroeg. Verweerder beëindigde daarop de uitkering per 1 mei 2017.
Eiseres maakte bezwaar en tijdens die procedure werd aanvullend onderzoek verricht, waaronder een expertise door een orthopedisch chirurg die geen objectief orthopedisch ziektebeeld vond. De verzekeringsarts bezwaar en beroep handhaafde het oordeel dat eiseres minder dan 35 procent arbeidsongeschikt was, met een aangepaste beëindigingsdatum van 1 april 2018.
Eiseres voerde aan dat haar klachten en beperkingen werden onderschat, maar bracht geen objectiveerbare medische informatie in. De rechtbank oordeelde dat de rapporten zorgvuldig en voldoende gemotiveerd waren en dat de mate van arbeidsongeschiktheid terecht was vastgesteld. De rechtbank zag geen reden een deskundige te benoemen en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de WIA-uitkering per 1 april 2018.