ECLI:NL:RBDHA:2018:10050
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Irakees wegens ongeloofwaardig relaas over bedreiging en verkrachting door militie
Eiser, een Iraakse man geboren in 1997, verzocht om een verblijfsvergunning asiel op grond van bedreiging en verkrachting door het Al Mahdi leger vanwege zijn werkzaamheden als zanger en het drinken van alcohol. Hij stelde dat hij meerdere malen was aangevallen, verkracht en bedreigd met foto’s van de verkrachting.
De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid van het relaas. De rechtbank overwoog dat eiser weliswaar geloofwaardig was over zijn identiteit en nationaliteit, maar zijn verklaringen over zijn werkzaamheden als zanger en de incidenten met het leger ongeloofwaardig waren. Tegenstrijdigheden en bevreemdende verklaringen, zoals het geringe aantal liedjes dat hij kon noemen en het feit dat hij na de verkrachting weer optrad, ondermijnden zijn verhaal.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus en ook niet aannemelijk had gemaakt dat hij bij uitzetting een reëel risico loopt op ernstige schade volgens artikel 3 EVRM Pro. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanvraag tot verblijfsvergunning werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van het relaas.