ECLI:NL:RBDHA:2017:8922
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beklag gegrond wegens onrechtmatig conservatoir beslag zonder rechter-commissarismachtiging
Klaagster verzocht om teruggave van haar auto die op 29 januari 2016 in beslag werd genomen. Uit het dossier bleek dat het beslag was gelegd op grond van artikel 94a Sv, gericht op ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, maar zonder de vereiste machtiging van de rechter-commissaris.
De rechtbank heeft het beklag behandeld en vastgesteld dat het conservatoir beslag onrechtmatig is omdat de wettelijke vereiste machtiging ontbrak. De officier van justitie voerde aan dat er een strafvorderlijk belang bestond om het beslag te handhaven, maar dit kon niet rechtvaardigen dat het onrechtmatig gelegde beslag werd omgezet in een beslag op grond van artikel 94 Sv Pro.
De rechtbank oordeelde dat een onrechtmatig gelegd conservatoir beslag niet kan worden omgezet in een klassiek beslag en gelastte de teruggave van de auto aan klaagster. Hierdoor werd het beklag gegrond verklaard.
Uitkomst: Beklag gegrond verklaard en teruggave van de auto aan klaagster gelast wegens ontbreken machtiging rechter-commissaris.