ECLI:NL:RBDHA:2017:8820

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
3 augustus 2017
Publicatiedatum
3 augustus 2017
Zaaknummer
5816401
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Proces-verbaal
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aanhouding beroep wegens onvoldoende machtiging in snelheidsovertredingszaak

In deze civiele zaak heeft LeasePlan Nederland N.V. beroep ingesteld tegen een administratieve sanctie wegens een snelheidsovertreding op 15 mei 2016 op de A4 bij Leidschendam. De kantonrechter behandelde het beroep op 28 juni 2017. De ingediende machtiging van LeasePlan aan een gemachtigde bevatte een tekst die alleen betrekking had op het ondertekenen van documenten voor het rijden in Nederland en het buitenland, maar niet op het voeren van gerechtelijke procedures.

De kantonrechter oordeelde dat deze machtiging onvoldoende was om namens de betrokkene het beroep te voeren. Daarom werd de zaak aangehouden en werd de gemachtigde in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken een deugdelijke machtiging te overleggen die expliciet ziet op het voeren van de procedure en het machtigen van een derde.

Indien geen passende machtiging wordt overgelegd, zal het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard en niet inhoudelijk worden beoordeeld. Daarnaast werden diverse inhoudelijke verweren van de gemachtigde genoemd, zoals het ontbreken van het vereiste certificaat bij de verbalisant en schendingen van informatie-, motiverings- en hoorplichten door de officier van justitie, maar deze werden niet inhoudelijk behandeld vanwege de procedurele tekortkoming.

Uitkomst: Het beroep is aangehouden vanwege een onvoldoende machtiging en de gemachtigde krijgt vier weken om een deugdelijke machtiging te overleggen.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Zittingsplaats ’s-Gravenhage
CJIB-nummer: [CJIB-nummer]
Registratienummer kanton: 5816401 MB VERZ 17-1002
PROCES-VERBAALvan de in het openbaar gehouden zitting van 28 juni 2017, tevens houdende
BESLISSINGop het beroep
.
Door mr. C.M. Derijks, kantonrechter, bijgestaan door mr. A.J.J. Noordhoek als griffier, is overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer.
Het beroepschrift is ingediend door:

LEASEPLAN NEDERELAND N.V.

wonende te: 1300 EB Almere
Postbus 3001, nader ook te noemen: betrokkene.
Gemachtigde: F.R. Eggink.
Namens de officier van justitie is verschenen, mr. P. Goossens.
De gemachtigde van betrokkene is ter zitting verschenen.
Aan betrokkene wordt het verwijt gemaakt dat op 15 mei 2016 met het voertuig met het kenteken [kenteken] op de A4 Links te Leidschendam de maximum snelheid op de autosnelweg met 19 km/h is overschreden, terwijl betrokkene toen de kentekenhouder van dit voertuig was.
De gemachtigde heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd dat:
  • Betrokkene niet te hard heeft gereden;
  • De verbalisant niet beschikt over het vereiste certificaat;
  • De informatieplicht door de officier van justitie is geschonden;
  • De motiveringsplicht door de officier van justitie is geschonden;
  • Het administratief beroep onterecht kennelijk ongegrond is verklaard;
  • De hoorplicht door de officier van justitie is geschonden.
  • De gemachtigde heeft recht op een proceskostenvergoeding.
De zitting van 20 april 2017 is aangehouden om betrokkene in de gelegenheid te stellen om binnen vier weken na verzending van die beslissing een goed leesbare machtiging over te leggen. De machtiging in het dossier was van slechte kwaliteit en daardoor onleesbaar. Op 9 mei 2017 is ter griffie een machtiging van de leasemaatschappij aan [PB] en van [PB] aan de gemachtigde binnen gekomen.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie verzoekt de kantonrechter om betrokkene niet-ontvankelijk te verklaren nu de op 9 mei 2017 overgelegde machtiging alleen ziet op het gebruik van het voertuig en niet op het namens betrokkene in beroep te gaan tegen de opgelegde administratieve sanctie.
Ter zitting heeft de gemachtigde meegedeeld dat de machtiging wel degelijk ziet op het namens betrokkene ondertekenen van stukken en dus ziet op het voeren, met tussenkomst van een derde professionele gemachtigde, van onderhavige beroepsprocedure.
De kantonrechter heeft vervolgens op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen, welke beslissing is uitgesproken ter zitting van 20 juli 2017.
Het beroep is tijdig ingediend en er is zekerheid gesteld voor de betaling van de sanctie dus het beroep is op die punten ontvankelijk.
De kantonrechter stelt vast dat de machtiging van leaseplan de volgende tekst bevat:
“Als eerste rechtmatige berijder van mijn motorvoertuig met onderstaand kenteken te gebruiken met de daarbij behorende documenten en namens mij alle voor het rijden in Nederland en in het buitenland benodigde documenten te ondertekenen.”
De tekst ziet op het ondertekenen van documenten die nodig zijn voor het rijden in Nederland en het buitenland. De tekst ziet niet op het voeren van gerechtelijke procedures als de onderhavige. Leaseplan heeft dus niet dhr. Bleeker gemachtigd om een procedure te voeren en evenmin om gemachtigde te machtigen.
De overgelegde machtiging voldoet derhalve niet. Gemachtigde zal in de gelegenheid gesteld worden om alsnog binnen vier weken een deugdelijke machtiging over te leggen. Die machtiging dient te zien op de bevoegdheid van dhr. Bleeker om een procedure te voeren en in dat kader gemachtigde te machtigen.
Voldoet betrokkene of diens gemachtigde niet (tijdig) aan dit verzoek, dan dient hij er rekening mee te houden dat de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk zal verklaren. Dat wil zeggen dat de kantonrechter het beroep dan niet inhoudelijk zal beoordelen.
Elke verdere beslissing zal worden aangehouden.

De kantonrechter beslist als volgt:

Houdt de zaak aan om betrokkene in de gelegenheid te stellen, een deugdelijke machtiging binnen vier weken na verzending van deze beslissing in te dienen.
Bepaalt dat de griffier van de rechtbank Den Haag, betrokkene en de officier van justitie voor een nader te bepalen datum zal oproepen.
Waarvan proces-verbaal,
de griffier, de kantonrechter,