ECLI:NL:RBDHA:2017:7261
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling winst uit onderneming en verzuimboetes bij niet-ingediende aangiften IB/PVV
Eiser, een zelfstandig assurantie- en financieel adviseur, had voor de jaren 2011 en 2012 geen aangiften inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) ingediend ondanks herinneringen en aanmaningen. De Belastingdienst legde ambtshalve aanslagen op, waarbij de inkomsten uit zijn advieswerkzaamheden werden aangemerkt als resultaat uit overige werkzaamheden en niet als winst uit onderneming. Tevens werden verzuimboetes opgelegd.
Eiser voerde aan dat hij ondernemer was en dat de Belastingdienst ten onrechte geen rekening had gehouden met aftrekposten en negatieve inkomsten uit eigen woning. De rechtbank oordeelde dat eiser niet had voldaan aan de bewijslast om aan te tonen dat sprake was van ondernemerschap. De door eiser overgelegde stukken boden onvoldoende inzicht in de zelfstandigheid, ondernemersrisico’s en winstverwachting.
De rechtbank bevestigde dat de Belastingdienst terecht een redelijke schatting van de inkomsten had gemaakt, waarbij het inkomen lager werd ingeschat dan door eiser zelf opgegeven. Ook het beroep op negatieve inkomsten uit eigen woning slaagde niet, omdat de schatting van de Belastingdienst al lager was dan de door eiser opgegeven omzet minus kosten.
De verzuimboetes werden als terecht en passend beoordeeld, aangezien eiser naliet de vereiste aangiften te doen en geen zelfstandige grieven tegen de boetes had aangevoerd. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen de ambtshalve aanslagen en verzuimboetes worden ongegrond verklaard.