ECLI:NL:RBDHA:2017:7215
Rechtbank Den Haag
- Tussenbeschikking
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf in nareis wegens motiveringsgebrek
Eiseres, van Eritrese nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis bij haar echtgenoot, die een verblijfsvergunning asiel bezit. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres niet kon aantonen dat sprake was van een burgerlijk huwelijk en dat zij niet tot het gezin van de referent behoorde. Volgens verweerder ontbrak een duurzame en exclusieve relatie en was er geen feitelijke gezinsband.
Eiseres betwistte dit en stelde dat het traditionele kerkelijk huwelijk rechtsgeldig is en erkend dient te worden op grond van internationaal privaatrecht en het Burgerlijk Wetboek. Tevens voerde zij aan dat de extra toetsing van een feitelijke gezinsband met voorwaarden zoals samenwoning niet in overeenstemming is met de EU-richtlijn 2003/86/EG en het EVRM. Verweerder liet in het verweerschrift de rechtsgeldigheid van het huwelijk in het midden.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het besluit niet deugdelijk had gemotiveerd omdat de rechtsgeldigheid van het huwelijk van belang is voor de toepasselijkheid van artikel 29, tweede lid, sub a of b, van de Vreemdelingenwet. Ook is de wijze van toetsing van de feitelijke gezinsband mogelijk strijdig met de richtlijn. Daarom werd verweerder in de gelegenheid gesteld het gebrek te herstellen. Bij uitblijven hiervan zal de rechtbank einduitspraak doen.
Uitkomst: Het bestreden besluit is vernietigd wegens een motiveringsgebrek en verweerder krijgt gelegenheid het besluit te herstellen.