ECLI:NL:RBDHA:2017:7157
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid desertie en afvalligheid
Eiser vroeg asiel aan op grond van desertie uit militaire dienst en afvalligheid van de islam, met verwijzing naar vervolging en onmenselijke behandeling bij terugkeer naar Iran.
Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij gegronde vrees voor vervolging of ernstig gevaar loopt. De rechtbank oordeelde dat verweerder het onderzoek zorgvuldig had verricht, inclusief een nader gehoor, en dat eiser wisselende en tegenstrijdige verklaringen gaf over zijn verblijf na desertie en het incident in de moskee.
De rechtbank vond dat verweerder terecht de geloofwaardigheid van de verklaringen over desertie, detentie, en het moskee-incident had betwijfeld. Ook was er geen bewijs dat afvalligen systematisch vervolgd worden in Iran. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter J.M. Ghrib op 20 juni 2017, met mogelijkheid tot hoger beroep binnen een week.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid en aannemelijkheid van de vrees voor vervolging.