Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
In 2015 is de politie een onderzoek gestart naar het grootschalig gebruik van en de handel in soft- en harddrugs onder de jeugd in de gemeente Kaag en Braassem. In dat onderzoek zijn de WhatsApp gesprekken op diverse telefoons uitgelezen en zijn er taps geplaatst. Daarnaast zijn meer dan vijftig personen gehoord, waarvan het merendeel als verdachte. Vier van hen worden thans vervolgd, waaronder de verdachte.
geenvereiste is om tot bewezenverklaring te komen van overtreding van artikel 2 onder Pro B en artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet, aangezien het enkel verstrekken van drugs (al dan niet als ‘vriendendienst’) reeds strafbaar is.
- de eigen verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 1 juni 2017, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -:
- het proces-verbaal van verhoor getuige [betrokkene 1] bij de rechter-commissaris van 30 mei 2016, waarin [betrokkene 1] - zakelijk weergegeven - verklaart dat hij speed heeft gekocht bij de verdachte;
- het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. PL1500-2015227313-178 van 9 december 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar (blz. 543 t/m 545 in het politiedossier), inhoudende de bevindingen omtrent een WhatsApp gesprek tussen [betrokkene 2] en de verdachte over de verkoop van nak.
- de eigen verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 1 juni 2017, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -:
- het proces-verbaal van verhoor verdachte [betrokkene 3] van de politie Eenheid Den Haag, nr. PL1500-2015227313-149 van 8 december 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren (blz. 342-356 in het politiedossier), waarin [betrokkene 3] - zakelijk weergegeven - verklaart dat zij in totaal 20 à 30 gram hasj en wiet heeft gekocht bij de verdachte;
- het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. PL1500-2015227313-29 van 26 november 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar (blz. 501 t/m 503) en de bijbehorende bijlage 7, voor zover inhoudende de bevindingen omtrent een tapgesprek tussen de verdachte en een onbekend gebleven persoon over de verkoop van 'blokken' (de rechtbank begrijpt blokken hasj).
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
8.De beslissing
9 (negen) maanden;
3 (drie) maanden, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:
60 (zestig) uren;
30 (dertig) dagen;