ECLI:NL:RBDHA:2017:5497
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Poustochkine
- M.A.J. van de Kar
- J. Montijn
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging woninginbraak met geweld en vrijspraak overige feiten
De rechtbank Den Haag heeft verdachte veroordeeld voor poging tot woninginbraak op 18 november 2016 te Gouda, waarbij hij samen met een ander probeerde in te breken en geweld gebruikte om te vluchten. De rechtbank achtte dit feit wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen van getuigen en de eigen verklaring van verdachte.
Voor de overige negen tenlastegelegde feiten, waaronder meerdere woninginbraken en pintransacties met gestolen bankpassen, sprak de rechtbank verdachte vrij wegens onvoldoende bewijs. De herkenningen op camerabeelden waren onvoldoende overtuigend en er was geen sluitend bewijs dat verdachte betrokken was bij deze feiten.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het bewezenverklaarde feit, de impact op de slachtoffers en het strafblad van verdachte. Gezien de beperkte bewezenverklaring legde de rechtbank een lagere straf op dan geëist. Verdachte kreeg een gevangenisstraf van vijf maanden, met aftrek van voorarrest. De vorderingen van benadeelden werden afgewezen wegens vrijspraak van de feiten waarop deze betrekking hadden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf voor poging woninginbraak met geweld, vrijgesproken van overige feiten wegens onvoldoende bewijs.