ECLI:NL:RBDHA:2017:2972
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens beschikbaar binnenlands vestigingsalternatief in Bagdad
Eiser, van Iraakse nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend, waarvan de laatste op 6 oktober 2014. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiser afkomstig is uit Mosul, een gebied met een uitzonderlijke situatie, maar een binnenlands vestigingsalternatief heeft in Bagdad. Eiser betwistte dit en stelde dat hij tot de kwetsbare Kaka’i minderheid behoort.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat eiser niet behoort tot de Kaka’i geloofsgemeenschap, mede vanwege eerdere onbetrouwbare verklaringen. Tevens is vastgesteld dat de veiligheidssituatie in Bagdad niet zodanig verslechterd is dat het geen vestigingsalternatief meer is. Eiser kan zich veilig en wettig naar Bagdad begeven en zich daar vestigen, mede door zijn taalvaardigheid en werkervaring.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard vanwege het bestaan van een veilig binnenlands vestigingsalternatief in Bagdad.