Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 maart 2017 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk, verweerder
[belanghebbende], te [woonplaats] , belanghebbende
Procesverloop
Belanghebbende heeft zijn zienswijze op het beroep gegeven.
Overwegingen
Op grond van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, ten derde, van de Wabo is verweerder bevoegd in een geval als hier aan de orde een omgevingsvergunning te verlenen.
Eiser heeft gesteld dat op een aangrenzend perceel dat de gemeente in eigendom heeft ook een stal aanwezig is in strijd met het bestemmingsplan. Verweerder heeft dienaangaande gesteld dat op dat perceel slechts één stal aanwezig is en dat daarom geen sprake is van gelijke gevallen. De rechtbank acht dit standpunt van verweerder niet onjuist. Het gaat in eisers situatie immers om een aanmerkelijk groter aantal bouwwerken en om een aanzienlijk groter oppervlak ten opzichte van het aangrenzende perceel. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel kan dan ook niet slagen.