ECLI:NL:RBDHA:2017:2685
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige herkomst en detentieverklaring
Eiser, met Soedanese nationaliteit, diende een asielaanvraag in na te zijn opgepakt en gemarteld vanwege deelname aan een demonstratie in Soedan. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van eisers herkomst, etniciteit, detentieperiode en ontsnapping uit het ziekenhuis.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht twijfelt aan de geloofwaardigheid van de documenten over eisers Fur-afkomst en de omstandigheden van zijn detentie en ontsnapping. De verklaringen van eiser zijn summier en bevatten tegenstrijdigheden, die niet zijn weerlegd in beroep.
Hoewel eiser de arrestatie op 25 september 2013 geloofwaardig maakt, is het vertrek uit Soedan pas op 27 januari 2014, wat de ernst van de situatie vermindert. Het beroep wordt ongegrond verklaard, maar eiser krijgt proceskostenvergoeding toegewezen.
De rechtbank constateert een procedurele onjuistheid bij de toepassing van artikel 31 Vreemdelingenwet Pro 2000, maar passeert dit gebrek omdat eiser hierdoor niet in zijn belangen is geschaad. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 20 maart 2017.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.