Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
in redelijkheid heeft kunnen denkendat hij in een situatie verkeerde waarin hem daadwerkelijk iets aangedaan zou worden en dat hij zich daar tegen diende te verdedigen. Bovendien strekt de enkele vrees dat men zal worden aangerand door iemand die een dreigende houding aanneemt nooit tot rechtvaardiging van het alvast zelf tot de aanval overgaan en het daarbij begaan van een strafbaar feit. Dat in het onderhavige geval naast vrees bij de verdachte ook van onmiddellijk dreigend gevaar voor een wederrechtelijke aanranding sprake was, is evenmin aannemelijk geworden.
5.De strafoplegging
6.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
€ 1.650,-.