Q-Park vordert betaling van €391,58 van de gedaagde wegens het zonder betaling verlaten van de parkeerfaciliteit Amsterdamse Poort 21 te Amsterdam op 29 oktober 2016. Volgens Q-Park is door het parkeermanagementsysteem en camerabeelden vastgesteld dat de gedaagde met een voertuig met een op zijn naam geregistreerd kenteken gebruik heeft gemaakt van de parkeerplaats en daarbij de algemene voorwaarden heeft overtreden, met name door het zogenoemde 'treintje rijden'.
De gedaagde ontkent het gebruik van de parkeerfaciliteit op die datum en stelt dat de camerabeelden nagemaakt kunnen zijn. Q-Park weerlegt dit door te stellen dat het beeldmateriaal authentiek is en dat de gedaagde onvoldoende bewijs levert voor zijn stellingen.
De kantonrechter oordeelt dat uit het beeldmateriaal blijkt dat de gedaagde het voertuig zonder geldig parkeerbewijs achter een voorganger aan heeft gereden terwijl de slagboom nog niet gesloten was. De stelling dat de beelden nagemaakt zijn, is niet onderbouwd. De vordering van Q-Park wordt toegewezen en de gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag, de wettelijke rente en de proceskosten.