ECLI:NL:RBDHA:2017:15917
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek homoseksuele Cubaan wegens onvoldoende risico op ernstige schade
Eiser, een Cubaanse homoseksueel, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege discriminatie en bedreigingen in Cuba, mede vanwege de transseksuele partner die medische dwang ondervond. De staatssecretaris wees het verzoek af omdat de problemen onvoldoende zwaarwegend werden geacht om als vluchteling te kwalificeren of een reëel risico op ernstige schade bij uitzetting aannemelijk te maken.
De rechtbank acht het asielrelaas van eiser geloofwaardig en erkent de problemen met homofobe bendes en politie, maar concludeert dat deze niet voldoen aan de criteria van het Vluchtelingenverdrag of artikel 3 EVRM Pro. Het bestreden besluit is zorgvuldig gemotiveerd, en de verwijzing naar het besluit van de partner is niet onjuist.
Eiser liet ter zitting een beroepsgrond vallen, en de rechtbank verwijst naar een parallelle zaak waarin het beroep van de partner eveneens ongegrond werd verklaard. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.