ECLI:NL:RBDHA:2017:14691
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen buiten behandeling stellen aanvraag uitstel vertrek op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet
Eiser, met de Sierra Leoonse nationaliteit, diende op 24 februari 2017 een aanvraag in voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Deze aanvraag werd bij besluit van 13 april 2017 buiten behandeling gesteld omdat eiser niet de gevraagde medische stukken had overgelegd. Eiser stelde bezwaar en overhandigde toen wel de relevante medische stukken.
Verweerder handhaafde het besluit tot buiten behandeling stellen, stellende dat de bezwaarprocedure niet bedoeld is om alsnog een inhoudelijke beoordeling te verkrijgen als in de primaire fase de benodigde stukken niet zijn ingediend. De rechtbank volgt dit standpunt, verwijzend naar jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Hoewel verweerder in de bezwaarfase niet heeft onderzocht of hij alsnog gebruik zou maken van zijn bevoegdheid om de stukken mee te wegen, wat een motiveringsgebrek oplevert, is eiser niet in staat gebleken dat dit tot een andere uitkomst zou leiden. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, veroordeelt verweerder in de proceskosten van €990 en constateert dat eiser procesbelang heeft vanwege het belang van rechtmatig verblijf in toekomstige procedures.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.