Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 oktober 2017 in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
De rechtbank oordeelt als volgt.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, van Ghanese nationaliteit, verblijft sinds 1996 in Nederland en heeft sinds 2005 een relatie met een Nederlandse partner. Na afwijzing van haar aanvraag voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 8 EVRM Pro en oplegging van een inreisverbod, stelde zij beroep in tegen het besluit van de minister.
De rechtbank oordeelt dat de minister niet alle relevante feiten heeft meegewogen, met name de langdurige gedoogde verblijfssituatie van 21 jaar waarin eiseres steeds bij de overheid bekend was en zelfs een BSN ontving. Ook is onvoldoende onderzocht of er subjectieve belemmeringen zijn voor het familieleven in Ghana, zoals sociale en professionele moeilijkheden, mede gelet op de leeftijd en medische situatie van haar partner.
De rechtbank vernietigt het besluit wegens strijd met het motiveringsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel en beveelt de minister een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende belangenafweging.