ECLI:NL:RBDHA:2017:12583
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten en veilig land van herkomst
Eiser, een Algerijnse staatsburger, diende op 18 juli 2017 een herhaalde asielaanvraag in nadat zijn eerdere aanvraag op 12 juni 2017 was afgewezen en deze afwijzing onherroepelijk was geworden. De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie verklaarde de nieuwe aanvraag niet-ontvankelijk omdat eiser geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die niet in de eerdere procedure konden worden ingebracht.
Eiser voerde aan dat hij bewijsnood had om zijn stellingen te onderbouwen en dat zijn medische klachten onvoldoende waren onderzocht, evenals dat zijn zienswijze ten aanzien van het inreisverbod onterecht niet als verzoek tot intrekking was opgevat. De rechtbank oordeelde echter dat eiser geen relevante nieuwe feiten had ingebracht, zijn medische klachten niet met bewijs had onderbouwd en dat de gestelde klachten niet voldeden aan de strikte toets van artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank bevestigde dat de staatssecretaris terecht het inreisverbod niet als intrekkingsverzoek hoefde te behandelen en dat de bijzondere omstandigheden die eiser aanvoerde geen ander oordeel rechtvaardigden. De aanvraag werd terecht niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkheid van de herhaalde asielaanvraag.