Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 februari 2017 in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
2 april 2016, waarin deze behandelaar de vraag stelt of onder een medische noodsituatie “binnen afzienbare termijn” niet een langere termijn dan de door de IND gehanteerde termijn van drie maanden moet worden genomen. De behandelaar vindt dat het overlijden van een 34 jarige man binnen enkele jaren zeker als “binnen afzijnbare termijn” valt aan te merken. Het BMA stelt hier tegenover dat conform het beleid, omschreven in paragraaf B/8.3.2 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (Vc 2000), getoetst moet worden aan de termijn van drie maanden. Bij het staken van de behandeling zullen de klachten van eiser weliswaar binnen drie maanden toenemen, maar aangezien de gemiddelde overleving na het stellen van de diagnose bedraagt 2,8 jaar, is geen sprake van een medische noodsituatie.
a real risk of dying”.
Beslissing
mr. S. Haddoumi, griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 februari 2017.