ECLI:NL:RBDHA:2017:11630
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N. Nobel
- Rechtspraak.nl
Opheffing faillissement met toepassing schuldsaneringsregeling na mislukte minnelijke regeling
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot opheffing van zijn faillissement met gelijktijdige toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank stelt vast dat verzoeker ondanks pogingen geen minnelijke regeling met zijn schuldeisers heeft kunnen bereiken en dit ook in de nabije toekomst niet zal kunnen.
De rechtbank verklaart verzoeker ontvankelijk in zijn verzoek, ondanks een formeel beletsel in artikel 15b Faillissementswet, omdat het weigeren hiervan tot een niet-doelmatige situatie zou leiden. Er is geen verificatievergadering gehouden en er is een boedelachterstand ontstaan die niet verwijtbaar is.
Verzoeker werkt voltijds, de schulden zijn grotendeels te goeder trouw ontstaan en er zijn geen beletselen voor toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank wijst het verzoek toe, heft het faillissement op, stelt het salaris van de curator en de faillissementskosten vast en spreekt de schuldsaneringsregeling uit met een looptijd van drie jaar vanaf heden.
Uitkomst: Faillissement wordt opgeheven en schuldsaneringsregeling van drie jaar wordt uitgesproken.