Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Iraanse nationaliteit, diende een tweede asielaanvraag in met het argument van een oprechte bekering tot het christendom, waaronder een overstap naar een andere kerk en een tweede doop. Verweerder wees de aanvraag af wegens het ontbreken van relevante nieuwe elementen en legde een inreisverbod op.
De rechtbank overwoog dat het eerdere besluit waarin de bekering ongeloofwaardig werd bevonden in rechte vaststaat. De nieuwe elementen, zoals de overstap naar een andere kerk en de drugsverslaving, werden niet als relevant nieuw bewijs erkend, mede omdat eiser onvoldoende kon aantonen dat deze elementen niet in de eerdere procedure konden worden ingebracht.
De rechtbank concludeerde dat de verklaringen van eiser oppervlakkig waren en geen overtuigend bewijs vormden van een diepgaande geloofsverandering. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening ter voorkoming van uitzetting werd afgewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tweede asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van nieuwe geloofwaardige elementen.