Uitspraak
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
artikel 242 Wetboek Pro van Strafrecht
Artikel 243 Wetboek Pro van Strafrecht
3.Bewijsoverwegingen
parketnummers 09/857564-15 en 09/852035-16 (de aanranding van [benadeelde 1] en de verkrachting van [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 7] )heeft de officier van justitie gevorderd dat de rechtbank de feiten wettig en overtuigend bewezen zal verklaren op grond van de verschillende verklaringen in het dossier en het gebruik van schakelbewijs. Ten aanzien van het schakelbewijs heeft zij aangevoerd dat een duidelijke rode draad te herkennen is in alle zaken, immers in drie van de vier zaken heeft de verdachte de slachtoffers ontmoet via een datingsite, is een afspraak snel gevolgd na het eerste contact, overvalt de verdachte de slachtoffers tijdens de afspraak met zijn sekswens, stelt hij zich dwingend op en vindt er ondanks hun weerstand toch seksueel contact plaats.
parketnummers 09/173693-15 en 09/076097-15 (de bedreiging en mishandeling van [benadeelde 5] en de mishandeling van de [benadeelde 6] en [benadeelde 4] )heeft de officier van justitie eveneens gevorderd dat de rechtbank de feiten wettig en overtuigend bewezen zal verklaren op grond van de verklaringen in het dossier.
de aanranding van [benadeelde 1], betoogd dat vrijspraak dient te volgen op grond van het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. De verdachte heeft verklaard dat hij weliswaar heeft afgesproken met [benadeelde 1] , maar dat hij niet met haar in een bos is geweest en zich niet schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde. De lezing van de verdachte dat zij niet naar het bos, maar richting de stad zijn gegaan is niet nader onderzocht.
de verkrachting van [benadeelde 2], heeft de raadsman primair bewijsuitsluiting bepleit van het proces-verbaal van bevindingen van het verhoor van [benadeelde 2] en daarmee vrijspraak van de verdachte. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat het verhoor, in tegenstelling tot wat de Aanwijzing auditief en audiovisueel registreren van verhoren van aangevers, getuigen en verdachten voorschrijft, niet audiovisueel en ook niet auditief is geregistreerd. Ook ontbreekt een uitgewerkt proces-verbaal van het verhoor, maar bevindt zich slechts een samenvatting daarvan in het dossier. Het ontbreken van een opname schaadt de verdachte in zijn verdediging in die zin dat het de verdediging de mogelijkheid ontzegt om na te gaan hoe een en ander verklaard is en hoe de verklaring tot stand is gekomen. Daarnaast ontbreekt het proces-verbaal van een informatief gesprek tussen het slachtoffer en de politie, aldus de raadsman.
de verkrachting van [benadeelde 3], heeft de raadsman eveneens vrijspraak bepleit op grond van het ontbreken van voldoende bewijs, primair ten aanzien van de dwang, subsidiair ten aanzien van het seksueel binnendringen.
parketnummers 09/173693-15 en 09/076097-15,
de mishandeling en bedreiging van [benadeelde 5] en de mishandeling van de heren [benadeelde 6] en [benadeelde 4], heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
verkrachting van [benadeelde 7]dan wel het plegen van ontuchtige handelingen met dit slachtoffer op grond van het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs.
parketnummers 09/173693-15 en 09/076097-15, feit 2 en feit 3is de rechtbank van oordeel dat met een opgave van bewijsmiddelen, als genoemd in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering kan worden volstaan, nu de verdachte het tenlastegelegde heeft bekend. Voorts heeft de verdachte nadien niet anders verklaard en heeft de raadsman van de verdachte geen vrijspraak bepleit.
4.De strafbaarheid van de feiten
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
Uit de verklaringen van de getuigen die de jonge vrouw direct na het gebeurde zagen, blijkt wel wat de impact ervan is geweest op het slachtoffer; ze was lijkbleek en in paniek. Het slachtoffer heeft bij de politie verklaard bang te zijn geweest voor de verdachte. Het is heel waarschijnlijk dat zij ook langer na de aanranding daarvan nog veel last heeft gehad en mogelijk ook zal hebben.
Geadviseerd wordt behandeling van de verdachte, gericht op het verbeteren van zijn functioneren in het algemeen en van zijn coping bij moeilijke situaties in het bijzonder, binnen het kader van een onvoorwaardelijke pij-maatregel. De snelheid waarmee hij is gerecidiveerd maken dat hij en zijn omgeving beschermd moeten worden tot het moment waarop hij voldoende behandeld zal zijn en het risico op recidive voldoende zal zijn verlaagd.
Geadviseerd wordt, indien de verdachte schuldig wordt bevonden aan de verkrachting op 31 maart 2016, een pij-maatregel op te leggen, waarbij zowel een voorwaardelijke als een onvoorwaardelijke pij-maatregel tot de mogelijkheden behoren. Daarbij wordt de vraag opgeworpen of een kliniek gevonden kan worden die de verdachte met zijn specifieke behandelbehoeften kan helpen. Bij een onvoorwaardelijke maatregel kan de verdachte een behandeling worden geboden die beter aansluit bij zijn leerstijl en is er een beter beveiligingsniveau om de kans op recidive te verlagen.
7.De inbeslaggenomen goederen
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
dagen