ECLI:NL:RBDHA:2016:6001
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige herkomstverklaring ondanks taalanalyse
Eiser, een Soedanese staatsburger geboren in Noord-Darfur, vroeg asiel aan in Nederland. Hij verklaarde te zijn gevlucht vanwege problemen met de Janjaweed en een verblijf te hebben gehad in een vluchtelingenkamp en Libië. De staatssecretaris wees het verzoek af omdat de herkomst van eiser niet geloofwaardig werd geacht, gebaseerd op een taalanalyse van Bureau Land en Taal.
De taalanalyse concludeerde dat de Arabische spraak van eiser niet overeenkomt met het Arabisch zoals gesproken in Darfur, maar eerder met dat van de regio Khartoum, wat suggereert dat eiser mogelijk langdurig in die regio verbleef. Eiser betwistte dit en verwees naar kenmerken in zijn taalgebruik die overeenkomen met Darfur, en overhandigde een verklaring van een belangenorganisatie die hem als Darfuri erkent.
De rechtbank oordeelde dat de taalanalyse zorgvuldig en concludent was en dat de staatssecretaris deze terecht aan het besluit ten grondslag had gelegd. Omdat eiser geen contra-expertise had laten verrichten om de twijfel weg te nemen, bleef de twijfel bestaan. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag is ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid van zijn herkomstverklaring.