ECLI:NL:RBDHA:2016:3093
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen invorderingskosten bij niet-tijdige betaling belasting
Eiseres kreeg een voorlopige aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd voor het jaar 2015 met een totaalbedrag van €4.593, waarvan de eerste termijn verviel op 28 februari 2015. Ondanks het toesturen van een machtiging voor automatische incasso en meerdere aanmaningen betaalde eiseres de termijnen niet tijdig, waardoor de Belastingdienst invorderingskosten in rekening bracht.
De rechtbank oordeelt dat het feit dat eiseres de Belastingdienst machtigde tot automatische incasso haar niet ontslaat van de verplichting om tijdig te betalen en haar verantwoordelijkheid om dit zelf te bewaken. De Belastingdienst had nagelaten te communiceren dat bij betalingsachterstand geen incasso plaatsvindt, maar dit leidt niet tot het vervallen van de betalingsverplichting.
Daarom zijn de aanmanings- en dwangbevelkosten terecht in rekening gebracht en is het beroep van eiseres ongegrond verklaard. De uitspraak is gedaan door rechter G.J. Ebbeling op 18 maart 2016.
Uitkomst: Het beroep tegen de invorderingskosten is ongegrond verklaard en de kosten zijn terecht in rekening gebracht.